Geen plaats in de herberg… Zomaar een kerstgedachte…

Kerstmis. Twee eeuwen lang heeft de kerk de geboorte van Jezus op 6 januari gevierd. De verplaatsing naar 25 december waardoor het samenviel met het Keltische Yule (Joel), paste in de strategie om zo meer invloed op de toenmalige bevolking te krijgen. Kennelijk is deze periode belangrijk, maar wat hebben we nu nog met kerst? Is er een diepere betekenis in het kerstverhaal? Als we het religieuze aspect even laten voor wat het is en ons ook niet afvragen of het verhaal feitelijk wel klopt. Is er dan een symbolische betekenis die eigenlijk veel belangrijker is?

Kerst is het moment in het jaar waarop de aarde even tot rust komt. Vergelijkbaar met de ademhaling van de mens is kerst het moment tussen uitgeademd zijn en het moment van de nieuwe impuls van inademing. Dit is van 21 tot 24 december. Kerstavond en het daaropvolgende kerstfeest bestond dus al ruim voor het kerstverhaal. De viering van het feit dat de Aarde een nieuwe ademhalingscyclus was gestart. En in Scandinavië hingen ze kaarsen in de bomen zodat iedereen de weg naar het feest kon vinden. Net zoals je eigen lijf even helemaal in rust is nadat je uitgeademd bent, zo zijn deze dagen bij uitstek geschikt om helemaal tot rust te komen, bij jezelf te komen en stil te vallen waardoor je openstaat voor inspiratie.

Door het tijdelijke ‘stilhangen’ van de Aarde is de invloed van de subtiele wereld groter. We komen daardoor sterker onder de invloed van de ‘wereld van alle mogelijkheden en (dus) overvloed. Je kunt dit vergelijken met het verschil tussen de Newtoniaanse natuurkunde van oorzaak en gevolg en de kwantummechanica. Bij de karakteristieken van de Aarde hoort zowel beperking als dualiteit. De Aarde, als planeet, is begrensd en al het leven op Aarde bestaat doordat alles dat leeft zich kan voeden met iets anders dat leeft of geleefd heeft. Dit impliceert de kans op schaarste of gebrek. De subtiele wereld kent deze beperking niet, hier bestaan alle mogelijkheden permanent en altijd. Dit is dan ook de wereld van overvloed, eenheid, Vrijheid en Liefde.

Omdat we hier nu eenmaal leven, is het onmogelijk om niet op deze hogere energie te reageren. We doen dat alleen niet allemaal op dezelfde manier. Zwart-wit gesteld zijn er dan twee groepen mensen:

  • Mensen die menen dat wezenlijk geluk te vinden is in het bezit van wat dan ook in de buitenwereld. Hun focus is gericht op de buitenwereld en de beïnvloeding en/of beheersing daarvan. Vrijheid betekent voor hen: vrij zijn om te doen en te laten wat je wilt, ongeacht de omstandigheden.
  • Mensen die prima kunnen meedoen met wat er vanuit de buitenwereld gevraagd wordt, en menen dat wezenlijk geluk te vinden is in de ontwikkeling van hun binnenwereld. Hun focus is gericht op hun binnenwereld en de ontwikkeling daarvan. Vrijheid betekent voor hen een innerlijke vrijheid die los staat van uiterlijke omstandigheden.

Wat mij betreft heeft geen van deze twee groepen gelijk of ongelijk en is de ene groep ook niet ‘beter’ dan de andere. Er is alleen wel een verschil in reactie op de stilte voor Kerst en op het Kerstfeest. De eerste groep heeft het relatief gemakkelijk. Omdat zij menen dat geluk alleen maar in de buitenwereld te vinden is, uit zich dit in het aanrichten van luxe eetpartijen, (veel) goede wijn, stijlvolle kleding en het vooral: het bij elkaar willen zijn. Cadeaus horen hier natuurlijk bij, en voor velen zelfs hun jaarlijks bezoek aan de kerk. De beleving van overvloed is er wel, maar wordt vertaald naar zaken in de buitenwereld.

De mensen die, in welke mate dan ook, bevroeden dat er meer is dan de wetenschap kan bewijzen, hebben het in deze tijd wat moeilijker. Ook al hebben zij geleerd om behoorlijk te functioneren in de buitenwereld, tegelijkertijd zullen ze merken dat ze juist meer behoefte hebben aan verstilling en rust. Ontsnappen aan de buitenwereld is voor hen echter veelal geen optie onder druk van familiediners, maar het gevoel dat er iets mist wordt steeds sterker. Wat zegt het kerstverhaal hierover?

Stel dat het Nieuwe Testament – net als alle religieuze werken – geen verhalenbundel is over wat er werkelijk geschiede in die dagen, maar dat het een allegorie is. Dat, als we de symbolische betekenis begrijpen, het een receptenboek blijkt te zijn voor mogelijke menselijke ontwikkeling. Wat kun je dan uit het kerstverhaal halen?

“En het geschiede dat zij daar waren, dat de dagen vervuld werden dat zij baren zoude; en zij baarde haren eerstgeborenen zoon, en wond hem in doeken, en leidde hem neder in de kribbe omdat er voor hen geene plaats was in de herberg.” Lucas 2

Josef en de hoogzwangere Maria, onderweg naar de volkstelling die ‘noodgedwongen’ in een stal moest bevallen. Wat is dan de betekenis van de herberg en van de stal? Waarom is er geen plaats voor Jozef en Maria?

Voorafgaand aan de zwangerschap is er al de onbevlekte ontvangenis. Dit verwijst naar een zwanger zijn van een geesteskind, een vrijheidsbeeld, het idee dat bevrijding (verlossing) uit de cirkel van geboorte en sterfte mogelijk is. Vrijheid is daarmee het geboorterecht van ieder mens, maar je zult er wel moeite voor moeten doen om het te realiseren.  Wel komen we er langzaam maar zeker achter dat werkelijke vrijheid nooit in de buitenwereld kan bestaan. De begrenzing van ons fysieke lichaam, al was het maar het tijdelijke aspect ervan, brengt ons maximaal zover als een leven zonder gebrek aan voedsel, onderdak en bewegingsvrijheid. Werkelijke vrijheid is een staat waarin geen enkele angst of onzekerheid meer kan zijn. Slechts liefde.

Mensen die zich meer bewust zijn van zichzelf, hebben het deze periode wat moeilijker. Hoe ‘gezellig’ het ook is en hoe rijk de dis ook is of de wijn ook vloeit, het voldoet niet echt. Het verdooft hooguit. In hen is iets ontwaakt dat vele namen heeft en hier het Christusbewustzijn wordt genoemd: een andere manier van tegen het leven aankijken, wel weten wat er in de buitenwereld gebeurt maar daar steeds minder emotioneel op reageren. Zij die beseffen dat wezenlijke vrijheid niet in de buitenwereld te vinden kan zijn, beseffen tegelijkertijd dat ze deze vrijheid in hun binnenwereld nog niet kunnen ontdekken. Voor hen is er geen plaats in de herberg.

Het ‘geene plaats in de herberg’ is dan doordat zij – alleen al door hun aanwezigheid – de andere gasten in verlegenheid kunnen brengen. In ieder mens zit immers de vonk van het Christusbewustzijn, maar mensen die zich louter richten op de buitenwereld worden daar niet graag aan herinnerd. Anderzijds is er geen plaats in de herberg omdat zij daar zelf ook liever niet zijn. Het rauwe, louter instinctief gedreven gedrag van de onbewuste mens is voor hen geen prettige energie om in te zijn. Vergelijk hier Genesis, waar de toestand van de nog onbewuste mens wordt beschreven als ‘woest en ledig’. Nee, de herberg is niet de plaats waar het idee van bevrijding vorm kan krijgen.

Het kerstverhaal staat bol van de symboliek waar we het contact wat mee zijn kwijtgeraakt. Zo staan Maria en Jozef voor de vrouwelijke en de mannelijke energie, de yin en yang waar alles uit bestaat en is Jezus, zowel de oorzaak als het gevolg – de alfa en de omega -, de verbindende energie tussen die twee.

De ster boven Bethlehem verwijst naar de Melkweg, waar de bron van de bron van het bestaan op Aarde ligt. De ster verwijst naar het volgen van de diepste intuïtie waar het innerlijk en levend weten heerst. Een intuïtie die alleen maar te vinden is als gevolg van de samenwerking tussen de drie intelligenties waar we over beschikken: de fysieke, emotionele en mentale intelligentie. Het is dan ook niet voor niets dat drie wijzen met name zijn genoemd en de producten van hun maximale inspanning als geschenk worden gegeven: goud, als resultaat van het alchemistische proces, namens het fysieke, mirre van het emotionele en wierook van het mentale ‘deel’.

De geboorte in de stal lijkt een knipoog te zijn naar de omstandigheden in de wereld. De homo sapiens heeft er inderdaad een stal van gemaakt. Het is deze stal waarin het meest wezenlijke in ons wakker wordt. Kwetsbaar, maar wel wakker. Het moet nog wel in doeken gewikkeld worden, beschermd worden tegen de buitenwereld. Het zal nog gevoed en grootgebracht moeten worden, maar het bestaat al wel.

De symboliek van de os en de ezel in de stal, zal ook geen toeval zijn. In de stal komen deze werkdieren tot rust, kunnen zij het juk even afleggen. Dat het koningskind in hun voederbak wordt gelegd, lijkt een duidelijke aanwijzing te zijn voor de mogelijkheid om de os en ezel – ons werk in de buitenwereld – te voeden met de veel fijnere energie van het Christusbewustzijn. De last van het moeten en idee van verplicht zijn, wordt dan vervangen door te doen wat ingegeven wordt. Anders gezegd: doen vanuit inspiratie. Leven is dan niet meer iets dat je overkomt, maar iets dat door je heen gebeurt. Dan is er een bewustzijn, een permanent besef deel uit te maken van een groter geheel.

Het is een weg te gaan. Aan de andere kant, als deze weg aantrekt, is er geen keuze. Hooguit een ‘nu nog niet’. Maar op enig moment ga je. Het maakt je onwelkom in de herberg. Maar ja, daar wilde je toch al liever niet zijn, niet nu…

Kerst, de vormgeving van het idee van bevrijding… De kans op het wakker worden van ‘dat’ in ieder mens dat zowel de eenheid als de diversiteit waarin die eenheid zich uitdrukt gelijktijdig ervaart. Maar het is pas de geboorte, het moet eerst nog volwassen worden en Herodes ligt op de loer…

Ik wens zowel de mensen in de herberg als de mensen die zich daar niet thuis voelen een bijzondere en geïnspireerde periode.

(Afbeelding: koninklijke verzameling, Den Haag)

 

 

Plaats een reactie

Call Now Button